Tag Archives: gedachte

Stop met doemdenken en piekeren

De belangrijkste stap in het stoppen met doemdenken en piekeren is om de ongewenste gedachten te ontkoppelen van je identiteit (persoonlijkheid). Doemdenkers en piekeraars maken vaak de fout om zichzelf te identificeren met hun negatieve gedachten. Een doemdenker en /of piekeraar kan denken dat hij/zij verantwoordelijk is voor zijn/haar gedachten. Dit is in principe een stap in de goede richting. Het is echter ook een valkuil.

Verantwoordelijkheid voor negatieve gedachten

Het is goed om verantwoordelijkheid te nemen voor aanwezige (negatieve) gedachten, maar  je wil jezelf niet identificeren met je negatieve gedachten, hierdoor ga je jezelf alleen slecht(er) voelen. Je bent namelijk niet je negatieve gedachten.

Het is beter om te denken: “ik erken dat er negatieve gedachten door mijn hoofd gaan. Ik ben echter niet deze gedachten. Wanneer ik me bewust ben van deze gedachten, kan ik deze gedachten vervangen door positieve gedachten.” Iedereen heeft namelijk het vermogen om zijn gedachten te conditioneren en negatieve gedachten te vervangen, door positieve gedachten. Voordat wordt ingegaan hoe je positief kunt denken, wordt eerst beschreven hoe negatieve gedachten via mentale conditionering blijven ontstaan.

Mentale conditionering
Wanneer je constant dezelfde gedachten door je hoofd laat gaan ongeacht of deze gedachten positief, of negatief zijn, dan zullen deze gedachten je brein conditioneren. Een gedachte (positief of negatief) lokt op een gegeven moment een bepaalde gedachte uit. Zo kom je in een patroon van negatieve gedachten terecht, want de ene negatieve gedachte is een trigger, stimulus voor een volgende negatieve gedachten. De neuronen (zenuwcellen) van je brein leggen als het ware een patroon van negatieve gedachten. Negatieve gedachten activeren als het ware een heel patroon van negatieve gedachten in je brein. De negatieve gedachten, lokken wederom negatieve gebeurtenissen uit, die vervolgens ook weer negatieve verwachtingen en gebeurtenissen uitlokken. Zo voltrekt zich niet alleen in je brein een patroon van negatieve gedachten, maar trekken deze gedachten ook negatieve gebeurtenissen aan, wat weer negatieve gedachten uitlokt. Op twee manieren worden negatieve gedachten uitgelokt. Enerzijds worden door negatieve gedachten en anderzijds door negatieve gebeurtenissen een vicieuze spiraal van negatieve gedachten uitgelokt.

De val van je negatieve gedachten
Iedereen die negatieve gedachten heeft, zal erkennen dat bovenstaande situatie lastig is om te doorbreken, omdat de spiraal van negatieve gedachten zich in stand houdt. Je negatieve gedachten voeden negatieve verwachtingen en vervolgens negatieve gebeurtenissen. Wanneer je je vervolgens ook nog schuldig voelt over en identificeert met je negatieve gedachten, verwachtingen en gebeurtenissen, ontstaan er nog meer negatieve gedachten, verwachtingen en gebeurtenissen.

Hoe ga je negatieve gedachten te lijf en ga je positief denken?
Het willen hebben van minder negatieve gedachten bestaat uit 4 stappen:

  1. De eerste stap om minder negatieve gedachten te hebben, is om te accepteren dat je negatieve gedachten hebt. Je gaat dus niet de negatieve gedachten te lijf, zoals de titel van dit kopje suggereert, maar je accepteert de negatieve gedachten. Door je negatieve gedachten te accepteren, word je jezelf meer bewust van de situatie.
  2. De tweede stap is om jezelf niet te identificeren met je negatieve gedachten.
  3. De derde stap is om te beoordelen of je invloed hebt op de situatie die de negatieve gedachten oproept. Als je de situatie positief kunt beïnvloeden, hebben je negatieve gedachten weinig zin en kun je de energie die het kost om negatieve gedachten te maken beter gebruiken om de situatie te beïnvloeden. Als je de situatie niet kunt beïnvloeden, dan hebben je negatieve gedachten ook weinig zin.
  4. De vierde stap is jezelf realiseren dat jijzelf gedachten maakt en dus ook bewust positieve gedachten kunt maken. Probeer dagelijks een half uur bewust positief te denken. Door bewust positief te denken, zullen positieve gedachten ook een patroon binnen je brein gaan vormen.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

7 tips om minder zorgen te maken; stop met zorgen maken

Omgaan met moeilijke mensen

Omgaan met moeilijke (schoon)familieleden

Gedisciplineerd worden: willpower (wilskracht)

Bronnen:

www.goedgevoel.be
www.stevepavlina.com

Gedragspatronen doorbreken en gewenst gedrag versterken

Het stellen van doelen is een bewust proces. Ook de juiste gedragingen vertonen om de gewenste doelstellingen te bereiken, is in het begin een bewust proces. Omdat 80% van je gedrag onbewust verloopt, is het in het begin lastig om je doelen te bereiken. Het is dus belangrijk dat je het ongewenste onbewuste gedrag identificeert en vervangt door onbewust gewenst wat het bereiken van je doelen makkelijker maakt. Er bestaan 3 onbewuste gedragspatronen, de ketting, de cirkel en spiraal.

Er zijn 3 gangbare theorieën voor het bereiken van je doelen en succesvol worden. Deze theorieën zijn echter van ondergeschikt belang bij het bereiken van je doelen. Het is belangrijker om de ongewenste gedragspatronen die het bereiken van je doelen in de weg staan te identificeren en te vervangen door gewenste gedragspatronen. Ongewenste gedragspatronen en gewenste gedragspatronen kun je respectievelijk op 4 manieren vernietigen, danwel versterken. Alle bovengenoemde onderdelen zullen de revue passeren.

3 gangbare theorieën om je doelen te bereiken
Er zijn 3 gangbare theorieën om door gewenst gedrag je doelen te bereiken. Deze theorieën zijn:

  1. Trial-and-error-theorie
  2. De theorie van oorzaak en gevolg (cause and effect)
  3. De theorie van intentie en manifestatie (intention manifestation)

De eerste theorie gaat ervan uit dat je meteen start met een verandering van je gedrag en kijkt in hoeverre dat gedrag effectief is. Gaandeweg maak je fouten (errors). Van gemaakte fouten leer je en stel je je gedrag bij zodat je gedrag effectiever wordt om je doelen te bereiken.

De tweede theorie gaat ervan uit dat je gedrag de oorzaak is van het gevolg (het gewenste doel). Als je je gedrag zo aanpast, dan gaat deze theorie ervan uit dat je de gewenste doelstelling haalt. Het enige dat je hoeft te doen is het gewenste gedrag vertonen.

De derde theorie gaat ervan uit dat als je iets heel erg graag wilt (intentie), er ontzettend veel vertrouwen in hebt dat het gaat lukken, het doel levendig kunt voorstellen (visualiseren) je uiteindelijk het doel bereikt. Het doel zal zich uiteindelijk manifesteren. Elke theorie gaat er uiteindelijk vanuit dat je aanvankelijk bewust actie onderneemt om je doelstellingen te bereiken. Helaas wordt maar 20% van je gedrag bepaald door bewust gedrag en wordt het bewuste gewenste gedrag gemakkelijk verstoord door onbewust, ongewenst gedrag. Het is dus belangrijk dat je je bewust wordt van de wijze waarop ongewenst, onbewust gedrag tot stand komt. Ook is het belangrijk te weten hoe je je onbewuste, ongewenste gedrag kunt veranderen in onbewust, gewenst gedrag.

3 gedragspatronen
Het grootste deel (ongeveer 80%) van je gedrag vindt onbewust plaats. Je bijvoorbeeld wakker, je kleedt jezelf aan, je was jezelf, je ontbijt, je poetst je tanden, je vertrekt in je auto, je schakelt in je auto etc. Alle hierboven gedragingen verlopen bijna onbewust. Dit is ook gewenst. Je onderbewuste heeft namelijk een veel grotere capaciteit om gedragingen uit te voeren, dan je bewustzijn. Vaak verstoort je onderbewuste echter ook gewenst gedrag. Als je als doel hebt om af te vallen en je onderbewuste stuurt je bij de geur van versgebakken brood direct naar de bakker om gebak te halen en op te eten, dan is dat ongewenst. Ook als het zien van asbakken je aanzet je zoveelste stoppoging ondermijnen, dat is dat ongewenst. Elk onbewust gedragspatroon bestaat uit 3 onderdelen:

  1. Stimulus of trigger (extern of intern)
  2. Gedachte
  3. Resultaat

Stimulus of trigger
Een onbewust gedragspatroon wordt gestart met een stimulus (trigger). Deze stimulus kan extern, maar ook intern van aard zijn. Wanneer je als doel hebt om af te vallen, maar de geur van versgebakken gebak, veroorzaakt de gedachte om gebak te halen en op te eten, dan is de geur een externe stimulus. Ook weer beginnen met roken door het zien van asbakken is een externe stimulus. Een interne stimulus is bijvoorbeeld dat je na 1 week je best doen om af te vallen, je wel vindt dat je wel een extraatje hebt verdiend. Ook grote stress die je verlangen naar een sigaret is een interne stimulus.

Gedachte
De gedachte is de interne beslissing dat je zeker gedrag gaat vertonen. In het bovenstaande voorbeeld, dat je gebak haalt en opeet, of sigaretten koopt en rookt.

Resultaat
Het resultaat is het uiteindelijke gedrag. Je gaat naar de bakker en koopt gebak. Je koopt sigaretten en rookt.

3 onbewuste gedragspatronen
Er zijn 3 onbewuste gedragspatronen:

  1. De ketting
  2. De cirkel
  3. De spiraal

De ketting
De ketting van onbewust gedrag heeft een begin en einde. De ketting begint met een interne, of externe stimulus. De stimulus veroorzaakt een gedachte en de gedachte veroorzaakt een resultaat (bepaald gedrag). De ketting eindigt bij bepaald gedrag. In het voorbeeld van de bakker en de geur van versgebakken brood, eindigt het gedragspatroon bij het eten van het gebak.

De cirkel
Het gedragspatroon kan ook een cirkel zijn. Binnen de cirkel lokt het resultaat van bepaald gedrag hetzelfde gedrag uit. Het resultaat van het gedrag is een stimulus om weer precies hetzelfde gedrag uit te lokken. Zo kan eenmaal een snack halen bij de snackbar, terwijl je wilt afvallen, ertoe leiden dat je wekelijks een snack gaat halen, omdat de eerste keer dat je een snack ging halen het resultaat bevredigend was. Binnen de cirkel versterkt het gedragspatroon zich niet. Als het gedragspatroon een cirkel is, zul je niet op eens twee maal per dag een snack gaan halen, maar blijft het bij eenmaal per week.

De spiraal
Als het gedragspatroon een spiraal is, wordt het gedrag wel sterker. Als het gedragspatroon een spiraal is, dan zijn er 4 verschillende spiralen te onderscheiden:

  1. Zwakke negatieve spiraal
  2. Zwakke positieve spiraal
  3. Sterke negatieve spiraal
  4. Sterke positieve spiraal

Binnen een zwakke negatieve spiraal versterkt het resultaat van de stimulus van bepaald gedrag in kleine, maar negatieve mate. Zo kan het roken van 1 sigaret per dag er toe leiden dat er over een aantal jaren een rookverslaving ontstaat. Binnen een zwakke positieve spiraal versterkt het resultaat van bepaald gedrag in kleine, maar positieve mate. Zo kan wederzijdse aantrekkingskracht tussen twee mensen, ervoor zorgen dat deze mensen over een aantal maanden tot jaren uiteindelijk gaan samenwonen en trouwen. De spiraal kan echter ook sterk negatief zijn. Bepaalde drugs kunnen bijvoorbeeld een ontzetten sterke respons (resultaat) veroorzaken, dat iemand direct weer eenzelfde resultaat wil hebben en bijna direct verslaafd is. Ook bij een stoppoging bij roken, kan 1 sigaret er weer voor zorgen dat je weer een pakje sigaretten per dag rookt. De spiraal kan ook sterk positief zijn. Zo kan het doen van een bepaalde sport zo leuk zijn, of een erg lekker gevoel opleveren, dat je direct dagelijks deze sport wil doen.

4 manieren om ongewenst gedrag te voorkomen en gewenst gedrag te versterken
Nu je weet hoe gedrag tot stand komt, weet je ook hoe je ongewenste gedragspatronen kunt doorbreken. Je kunt ongewenste gedragspatronen op 4 manieren doorbreken:

  1. De stimulus uit de weg gaan
  2. De gedachte beïnvloeden
  3. Het resultaat beïnvloeden
  4. Een combinatie van de drie manieren

Bij de beschrijving van de 4 manieren gaan we uit van het voorbeeld dat de geur van versgebakken brood uiteindelijk veroorzaakt dat je gebak gaat eten. Wanneer je de stimulus uit de weg gaat, dan omzeil je de geur van versgebakken brood. Je probeert niet in contact te komen met de geur van versgebakken brood. Wanneer je de gedachte wil beïnvloeden, dan kun je tegenover de gedachte dat je dat gebak lekker vindt en dat je gebak wilt eten een andere gedachte plaatsen. Je kunt bijvoorbeeld met mensen in je omgeving afspreken, dat als zij jou gebak zien eten, jij hen 10 euro moet betalen. Zo zal de geur niet alleen de gedachte uitlokken dat je gebak wilt eten, maar ook dat je 10 euro moet betalen als je gesnapt wordt. Het resultaat van gebak eten kun je ook beïnvloeden. Zo kun je bij de geur van versgebakken brood, nog steeds beslissen om gebak te kopen. Je koopt echter niet het lekkerste taartje, maar je koopt EN eet juist het gebak wat je helemaal niet lekker. De stimulus heeft dan niet het gewenste resultaat opgeleverd. De kans op succes wordt groter wanneer je een combinatie van de beschreven 3 manieren inzet om een ongewenst gedragspatroon te doorbreken. Je behaalt nog betere resultaten als je het ongewenste gedrag veroorzaakt door een bepaalde stimulus vervangt door gewenst gedrag. Zo zou je bijvoorbeeld in het voorbeeld van het versgebakken brood als stimulus van ongewenst gedrag, ook gewenst gedrag kunnen veroorzaken. Als je versgebakken brood ruikt, ga je een stuk wandelen.

Tenslotte
Door duidelijke doelstellingen op te stellen, wordt het eenvoudiger om je doelstellingen te halen. Het is echter ook goed om te weten welke onbewuste gedragspatronen je gewenste gedrag in de weg staan. Deze gedragspatronen vervullen een bepaalde onbewuste behoefte. Wil je je doelen halen, dan moet je de behoefte die deze gedragspatronen vervullen, vervangen door gewenste gedragspatronen.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Help jezelf door een ander te helpen

Omgaan met moeilijke (schoon)familieleden

Hoe kun je positiever worden?

Positief zijn verlengt je leven

Bronnen:

www.stevepavlina.com