Category Archives: Huis en hypotheek

Koolmonoxidemelders (CO-melders) en rookmelders

Jaarlijks sterven er twaalf mensen aan mensen aan koolstofmonoxidevergifting en ruim 40 mensen aan woningbranden. Hoewel CO-vergiftiging steeds minder voorkomt, omdat mensen een goed werkende HR+ketels gebruiken, zijn er jaarlijks nog steeds slachtoffers. Ook de zesduizend woningbranden eisen jaarlijks doden en gewonden. De meeste mensen worden in de nacht overvallen door een woningbrand. Het gebruik van CO-melders en rookmelders kan levensreddend zijn. CO-melders en rookmelders hoeven niet duur te zijn om goed te werken. Je hebt al goedwerkende rookmelders voor minder dan vier euro.

Koolmonoxide (CO) is een sluipmoordenaar
Jaarlijks sterven er gemiddeld twaalf mensen aan koolmonoxidevergifting in Nederland. Honderdvijftig mensen worden met ernstige koolmonoxidevergiftiging naar het ziekenhuis gebracht. Koolmonoxide (CO) is een kleurloos en reukloos gas dat ontstaat bij de onvolledige verbranding van fossiele brandstoffen, zoals kolenkachels, petroleumkachels, gaskachels, geisers, open haarden en ouderwetse CV-ketels.  CO bindt zich ruim 200 keer beter aan hemoglobine, dan zuurstof. Zuurstof wordt als het ware verdrongen van hemoglobine door CO. Hemoglobine is het zuurstofbindend eiwit van de rode bloedcel. Wanneer zuurstof niet gebonden kan worden aan hemoglobine van de rode bloedcel krijgen de weefsels van het lichaam geen zuurstof meer en treedt er als het ware verstikking op.  Symptomen van een CO-vergiftiging zijn hoofdpijn, misselijkheid, vermoeidheid, paarsig rood gelaat, bewusteloosheid, coma en uiteindelijk de dood.

Ruim 40 doden per jaar door woningbrand
Jaarlijks zijn er in Nederland ruim zesduizend woningbranden. Deze woningbranden eisen jaarlijks ruim 40 doden. Niet het vuur is direct dodelijk bij een brand, maar juist de giftige gassen die bij een brand vrijkomen. Deze gassen zorgen ervoor dat mensen binnen enkele minuten hun bewustzijn verliezen.  Ruim 70 procent van de branden ontstaan in de nacht wanneer mensen slapen. Mensen merken in hun slaap de brand niet op en ademen al veel giftige gassen in. Vooral kinderen zijn extra gevoelig voor de giftige gassen. Een rookmelder is levensreddend in deze situaties.

CO-melders
In mijnen kan plots veel koolmonoxide ontstaan. Om deze reden namen lang geleden mijnwerkers kanaries mee in de mijnen waarin zij aan het werk waren. Kanaries zijn namelijk zeer gevoelig voor CO en zullen eerder overlijden aan CO. Wanneer de kanarie stierf, was dat het teken voor de mijnwerkers om zeer snel te mijn te verlaten.

Plaatsing van CO-melders
CO-melders worden dicht bij een potentiële CO-bron geplaatst. Dit betekent dat CO-melders bijvoorbeeld in ruimtes worden geplaatst met een gaskachel, geiser, open haard etc te vinden is. Omdat CO een kleinere soortelijke dichtheid heeft, dan lucht (CO is lichter dan lucht), zal CO zich vanaf het plafond naar beneden stapelen. Om deze reden worden CO-melders aan het plafond bevestigd. Wanneer de CO-melder aan het plafond wordt bevestigd, moet er minimaal 30 centimeter tussen de CO-melder en muur zitten. De CO-melder mag ook aan de muur bevestigd worden. Er moet dan minimaal 15 centimeter tussen de CO-melder en plafond zitten en de CO-melder moet hoger geplaatst zijn dan de bovenkant van een raam-, of deurkozijn.

Thermische en optische rookmelders
Er zijn twee typen rookmelders; de thermische en optische rookmelders. Thermische rookmelders reageren op een stijging van de temperatuur van de ruimte waarin de rookmelder is geplaatst. Optische rookmelders bevatten een sensor waarop een door de rookmelder gemaakt lichtstraaltje valt. Wanneer rook het lichtstraaltje onderbreekt, geeft de rookmelder een signaal af.
Thermische rookmelders worden afgeraden, omdat in een ruimte al zeer veel gevaarlijke verstikkende rookontwikkeling kan ontstaan, voordat de temperatuur oploopt.

Plaatsing rookmelders
Het wordt aangeraden om rookmelders aan het plafond te bevestigen. Plaats de rookmelder zoveel mogelijk in het midden van een ruimte, maar minimaal 50 centimeter van een muur af. Bevestigen aan de muur (minimaal 15 centimeter van het plafond af) kan ook, maar wordt afgeraden. Plaats de rookmelders in alle ruimten die onderdeel uitmaken van de vluchtroute. In de praktijk betekent dat de hal, de overloop en de gang van elke verdieping. Verder wordt aangeraden om in de woonkamer en alle slaapkamers een rookmelder te plaatsen. Het gebruik van gecombineerde rook- en CO-melders wordt afgeraden, omdat de rookmelders op een andere plaats moeten hangen, dan de CO-melders.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Maak je eigen geldmachine in 8 stappen en wordt financieel onafhankelijk

Hogere hypotheek voor tweeverdieners in 2016

Huis en hypotheek in 2016

Voorkomen van brand in en om het huis

Bronnen:

www.preef.nl http://www.preef.nl/informatie/rookmelders-wat-doen-ze-en-waar-hang-ik-ze-op opgevraagd op 4-1-2016
www.brandweer.nl https://www.brandweer.nl/brandveiligheid/veilig_wonen/koolmonoxide/ opgevraagd op 4-1-2016

 

Je kind helpen met een huis kopen; de familiebank

De woningmarkt begint langzaam aan weer aan te trekken. Starters en doorstromers willen weer een huis kopen en daarvoor een hypotheek afsluiten. Met de huidige hypotheekregels is het echter lastig voor eenverdieners en starters om een hypotheek af te sluiten waarmee de gewenste woning gekocht kan worden. Ouders kunnen hun kinderen helpen met het kopen van een huis en er zelf nog geld aan verdienen. Het rendement op een spaarrekening is zo laag, dat door de inflatie en de vermogensrendementsheffing het spaargeld relatief steeds minder waard wordt. Geld lenen aan je kinderen voor de aankoop van een huis kan een aardig rendement opleveren. Daarnaast zorg je ervoor dat je kind een eigen huis kan kopen.

De familiebank, geld uitlenen binnen de familie
Het uitlenen van geld binnen de familie wordt de familiebank genoemd. Het principe van de familiebank is simpel: je leent geld uit aan je kind en vraagt daarvoor een rentevergoeding. Wanneer de lening wordt gebruikt voor de aankoop van een woning, dan gelden dezelfde fiscale regels als bij een hypotheek. De rente die kinderen betalen over de lening bij hun ouders is net als bij een hypotheek fiscaal aftrekbaar. De rente die je vaststelt als ouder mag 25% hoger, of lager zijn dan de 10-jaars rente van een hypothecaire lening.
Over de lening aan je kinderen betaal je wel vermogensrendementsheffing. In 2016 is deze vermogensrendementsheffing boven de belastingvrije voet (vrijstelling) nog 1,2%. Vanaf 2017 is de vermogensrendementsheffing variabel en afhankelijk van het totale vermogen.

Een rekenvoorbeeld van de familiebank
Stel uw kind heeft 100.000 euro nodig voor de financiering van een huis. Je leent je kind 100.000 euro. Als je kind bij de bank een 10-jaars rente zou krijgen van 3,0% op deze hypotheek, dan mag je als ouder een rente rekenen tussen de 2,25% en 3,75%. Stel je rekent 2,25% rente, zodat je kind een lage rente betaalt. Je ontvangt dan als ouder het eerste jaar 2250 euro rente op de lening.
Als je 3,75% rente zou rekenen, dan betaalt je kind 3750 euro rente op de lening. De betaalde rente is voor je kind gewoon aftrekbaar van de belasting en het wordt nog mooier.

Belastingvrij schenken aan je kinderen
Je kind kunt je kind nog meer helpen met het financieren van het huis. De betaalde rente is voor je kind aftrekbaar van de belasting. Je kunt als ouder jaarlijks een deel belastingvrij schenken. De betaalde rente zou je dus terug kunnen schenken in de vorm van een belastingvrije schenking. Het is wel raadzaam om jaarlijks te bekijken hoeveel geld je belastingvrij aan je kind mag schenken.

Familiebank opzetten is eenvoudig
Het opzetten van een familiebank is simpel, maar je moet wel duidelijke en heldere afspraken maken en deze op papier zetten. Maak duidelijke afspraken over de looptijd, aflossingsverplichtingen en rentevergoeding. Deze afspraken leg je vast in een leningovereenkomst. Vervolgens moet je deze leningovereenkomst aangeven bij de belastingdienst, zodat voor de belastingdienst duidelijk is dat je geld uitleent aan je kinderen voor de financiering van een huis. Het opmaken en registreren van een leningovereenkomst kan bij een accountantskantoor.
Vervolgens moet je bij het overmaken van het leningbedrag de omschrijving ‘lening voor woning’ vermelden en het bankafschrift goed bewaren.

Ga naar de notaris bij het opzetten van een familiebank
Omdat je zaken doet met je kinderen wil je duidelijke afspraken bindend maken. Bij de notaris kun je afspraken bindend maken. Je hebt dan als ouder de zekerheid dat de lening wordt terugbetaald.

Tot slot
Je kind helpen met het financieren van een huis kan gunstig zijn voor jezelf en je kind. Het is echter belangrijk om afspraken over looptijd, aflossingsverplichtingen en rentevergoeding vast te leggen en aan te geven bij de belastingdienst. Bij de notaris kan de familiebanklening bindend worden gemaakt. Leen verder geld uit dat je zeer lange tijd kunt missen en hou er rekening mee dat bij een gedwongen verkoop van de woning van uw kind de bank voorrang heeft op het krijgen van het verschuldigde geld.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Maak je eigen geldmachine in 8 stappen en wordt financieel onafhankelijk

Hogere hypotheek voor tweeverdieners in 2016

Huis en hypotheek in 2016

Maak je eigen geldmachine in 8 stappen en wordt financieel onafhankelijk; stap 1 meer sparen en besparen

Bronnen:

www.geld.nl http://www.geld.nl/lenen/service/geld-lenen-van-ouders opgevraagd op 31-12-2015
www.berekenhet.nl http://www.berekenhet.nl/hypotheek-en-wonen/familiebank-hypotheek-berekenen.html opgevraagd op 31-12-2015

Huis en hypotheek in 2016

In 2016 zijn er kleine en grote veranderingen ten aanzien van huis en hypotheek. Een grote verandering is dat de WOZ-waarde van woningen in Nederland per 1-10-2016 openbaar wordt gemaakt. Ook nemen de leenmogelijkheden voor Verenigingen van Eigenaren toe (VvE’s). De wettelijke kaders van VvE’s worden verbeterd om eigenaren die onwillig zijn om te betalen aan onderhoud hiertoe te verplichten. Verder zal de gemiddelde energiebelasting met 50 euro per jaar toenemen. Om te voorkomen dat de hypotheekschuld groter is, dan de waarde van het huis wordt de maximale hypotheek verlaagd naar 102% van de waarde van het huis. Echter wanneer energiebesparende maatregelen worden getroffen, kan een hypotheek worden afgesloten van 106% van de waarde van het huis. Ook voor energieneutrale woningen kan een hogere hypotheek worden afgesloten. Verder kunnen tweeverdieners een hogere hypotheek krijgen. De maximale hypotheek voor eenverdieners wordt verlaagd. Ook de NHG wordt verlaagd.

Maximale hypotheekbedrag wordt verder verlaagd
Voor de kredietcrisis, bankencrisis en eurocrisis was het mogelijk tot wel 130% van de woningwaarde van een huis te lenen. Men ging er namelijk van uit dat de waarde van een huis altijd toenam. In 2008 klapte echter de huizenmarkt uit elkaar en van sommige huizen halveerde de woningwaarde.
Sinds 2008 is het maximaal te lenen hypotheekbedrag langzaam afgenomen. In 2015 was het maximaal te lenen hypotheekbedrag 103% van de waarde van de woning. In 2016 is het maximaal te lenen hypotheekbedrag 102% van de waarde van de woning. Dit betekent vaak dat de koper eigen geld moet inbrengen om bijkomende kosten, zoals notariskosten, verbouwingskosten en overdrachtsbelasting te kunnen financieren.

Maximale hypotheekbedrag 106% van de woningwaarde bij energiebesparende maatregelen
Voor mensen die energiebesparende klussen willen financieren vanuit de hypotheek mogen tot 106% van de woningwaarde lenen. De volgende energiebesparende interventies mogen worden gefinancieerd vanuit de hypotheek:

  • Warmtepomp
  • Zonneboiler en zonnecellen
  • Spouwmuurisolatie
  • Vloerisolatie
  • Dakisolatie
  • HR-ketel
  • HR++beglazing

Meer hypotheek voor energieneutrale woningen
Voor huizen die evenveel energie opwekken als gebruiken (energieneutrale woningen; nul-op-de-meter woningen), of huizen die meer energie opwekken dan gebruiken, mag een bedrag van 27.000 euro bij de maximale hypotheek worden opgeteld die iemand op basis van zijn inkomen kan krijgen. Het minimale bruto-inkomen moet dan wel 33.000 euro zijn.

Meer hypotheek voor tweeverdieners in 2016
In 2015 telde het laagste inkomen voor eenderde mee in het toekennen van een hypotheek aan gezinnen waarin beide partners een inkomen hebben. In 2016 telt het inkomen van de minst verdienende partner voor de helft mee. Het nationaal instituut budgetvoorlichting (NIBUD) gaat er vanuit dat tweeverdieners netto meer geld te besteden hebben dan eenverdieners. Hierdoor mogen tweeverdieners in 2016 een grotere hypotheek afsluiten.

Minder hypotheek voor eenverdieners in 2016
Waar de maximale hypotheek voor tweeverdieners zal stijgen in 2016, daalt de maximale hypotheek voor eenverdieners met een inkomen onder de 60.000 euro bruto per jaar. Dit komt omdat de toeslagen voor gezinnen met eenverdieners fors versoberd zijn in 2016. Met name eenverdieners met bruto-jaarinkomens tussen de 30.000 en 50.000 euro worden het zwaarst getroffen. De aanrechtsubsidie voor de niet-verdienende partner wordt namelijk versoberd. De aanrechtsubsidie is de algemene heffingskorting voor de partner die geen tot zeer weinig inkomen heeft. De algemene heffingskorting wordt van het belastbaar inkomen afgetrokken en heeft tot gevolg dat er minder belasting wordt betaald. Als de algemene heffingskorting afneemt, blijft er een groter belastbaar inkomen over en moet er meer belasting worden betaald. Er blijft dan minder netto-inkomen over voor het betalen van de hypotheek.
Eenverdieners met een bruto-inkomen boven de 60.000 euro mogen een groter maximaal hypotheekbedrag lenen.

Vrijstelling vermogensrendementsheffing in 2016 omhoog
Vermogensrendementsheffing is de belasting die moet worden betaald over spaargeld (en beleggingen). Er geldt hier echter wel een vrijstelling. Tot een spaarbedrag van 24.437 euro wordt het spaargeld vrijgesteld van belasting. Het spaarbedrag boven de 24.437 wordt met 1,2% belast. Voor mensen die dus op de peildatum 1 januari 2016 een spaarbedrag groter dan 24.437 euro hebben, is het gunstig om af te lossen op de hypotheek. Hiermee daalt namelijk het belastbare spaarbedrag. Ook dalen de netto-maandlasten, omdat men minder hypotheekrente hoeft te betalen.

Maximale hypotheekrenteaftrek (HRA) verder verlaagd
Het maximale hypotheekrenteaftrekpercentage daalt jaarlijks met 0,5%, tot 38% in 2041. Dit betekent dat in 2016 het maximale tarief waartegen de rente aftrekbaar is 50,5%.
Dit belastingtarief is echter alleen van toepassing op huiseigenaren die in de hoogste belastingschijf zitten. In 2016 zijn dat die huiseigenaren met een bruto-inkomen groter dan 66.421 euro per jaar. Zij betalen in vergelijking met 2015 echter minder belasting. In 2015 gold het belastingtarief van 52% al bij een bruto-inkomen van 57.586 euro.

NHG daalt naar 225.000 euro
De nationale hypotheek garantie (NHG) staat garant voor een restschuld die eventueel overblijft na verkoop van een woning. Door de NHG wil de hypotheekverstrekker het hypotheekrentepercentage verlagen (de zogenaamde rentekorting). Hierdoor dalen de hypotheekrentelasten voor huiseigenaren.
Per 1 juli 2016 daalt de NHG van hypotheken van 245.000 euro naar 225.000 euro. In verband met de 6% bijkomende kosten mag de maximale koopsom per 1 juli 2016 niet boven de 212.264 euro komen. Tot 1 juli 2016 is dat nog 231.132 euro.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Maak je eigen geldmachine in 8 stappen en wordt financieel onafhankelijk

Hogere hypotheek voor tweeverdieners in 2016

Tien stappen om miljonair te worden

18 bespaartips en een passief inkomen opbouwen

Bronnen:

www.hypotheekberekenen.nl https://www.hypotheekberekenen.nl/maximale/102-procent opgevraagd op 29-12-2015
www.eigenhuis.nl https://www.eigenhuis.nl/actueel/Dossiers/financiele-gevolgen-2016/ opgevraagd op 29-12-2015

Het (voorlopige) koopcontract, koopovereenkomst voor een huis

Naast samenwonen, trouwen en kinderen krijgen, is het kopen van een huis een van de belangrijkste en meest ingrijpende positieve gebeurtenissen in het leven van iemand. Bij het kopen en verkopen van een huis wordt een koopovereenkomst, oftewel voorlopig koopcontract gebruikt. De term voorlopig koopcontract is misleidend, omdat het koopcontract helemaal niet zo voorlopig en vrijblijvend is als de naam doet lijken. Er zijn wel een aantal ontbindende voorwaarden die de koper (en verkoper) beschermen bij het kopen en verkopen van de woning. Een makelaar kan hulp bieden bij het opstellen van een voorlopig koopcontract. Financieringsbehoud, bankgarantie, een woonvergunning, de bouwkundige keuring en de bedenktijd zijn ontbindende voorwaarden.

Het nut van de aankoopmakelaar en verkoopmakelaar
Aankoopmakelaar
Bij het zoeken naar een geschikte koopwoning, het onderhandelen over de aankoopprijs van een nieuwe woning en het opstellen van een koopcontract kan een aankoopmakelaar van grote waarde zijn. Een aankoopmakelaar kan de koper veel tijd, geld en zorgen besparen. Zo weet de aankoopmakelaar waar op te letten bij het bezichtigen van een woning. Ook kan een aankoopmakelaar meehelpen bij het opstellen van een passend koopcontract, of het koopcontract voor de koper opstellen. Een voorbeeld modelkoopcontract kan zo van internet geplukt worden, maar dat wil niet zeggen dat het koopcontract voor elke koper en verkoper passend is. Het passend maken van een koopcontract door een aankoopmakelaar beschermt de koper tegen mogelijk zware (financiële). De gemiddelde kosten van een aankoopmakelaar ligt tussen 2000 en 2500 euro.

Verkoopmakelaar
Waar de aankoopmakelaar in het belang van de koper handelt, handelt de verkoopmakelaar in het belang van de verkoper van een huis. De verkoopmakelaar maakt een geschikte brochure van het huis, meldt het huis aan op funda, of Jaap, organiseert bezichtigingen, geeft soms stylingsadvies teneinde het huis voor een marktconforme prijs te verkopen. In het verkoopproces stelt de verkoopmakelaar vaak het koopcontract op waarin de verkoopmakelaar rekening houdt met de wensen en belangen van de verkoper. De kosten van een verkoopmakelaar variëren. Zo worden soms opstartkosten gerekend en kan de makelaar, of vaste kosten per maand rekenen, of een percentage van de verkoopprijs (courtage) van de woning. Soms kunnen makelaarskosten aftrekbaar zijn.

Voorlopige koopcontract, koopovereenkomst is helemaal niet voorlopig
Zowel de aankoop- als verkoopmakelaar kunnen in overleg met de verkoper en koper het koopcontract opstellen. Er wordt aangeraden om ook professionele hulp in te schakelen bij het opstellen van een koopcontract en niet het eerste koopcontract te gebruiken wat wordt gevonden op internet. Want hoewel de naam doet vermoeden dat een koopcontract voorlopig is, is het voorlopige koopcontract helemaal niet zo voorlopig. Na de wettelijke bedenktijd van drie dagen is het koopcontract bindend en kan de koper, of verkoper alleen maar van de koop afkomen wanneer een forse boete (vaak 10%) van de verkoopsom wordt betaald aan de tegenpartij.

De naam voorlopig koopcontract heeft betrekking op de daadwerkelijke overdracht van de woning bij de notaris en het moment dat de hypotheek voor de woning start. Er wordt dus aangeraden om goed naar de ontbindende voorwaarden te kijken. Vaak zijn deze ontbindende voorwaarden in moeilijke juridische taal geschreven. Een makelaar kan deze taal ontcijferen en de (ver)koper van raad voorzien welke ontbindende voorwaarden op te nemen in het koopcontract.

Ontbindende voorwaarden in een koopcontract
In een voorlopig koopcontract worden ontbindende voorwaarden opgenomen. In de gevallen die in de ontbindende voorwaarden omschreven staan, kan de koper, of verkoper de koop ontbinden zonder dat de koper, of verkoper een boete (vaak 10% van de koopprijs van de woning) aan de tegenpartij moet betalen. Er zijn verschillende ontbindende voorwaarden. De bekendste ontbindende voorwaarden zijn:

  • Bedenktijd
  • Financieringsbehoud
  • Bankgarantie
  • Bouwkundige keuring
  • Onherroepelijk verkopen woning van de koper
  • Verstrekking woonvergunning

De verschillende ontbindende voorwaarden van het voorlopige koopcontract worden hieronder beschreven.

Wettelijke voor het kopen van een huis is drie dagen
De wettelijke bedenktijd van het voorlopige koopcontract is drie werkdagen. Binnen de wettelijke bedenktijd kan de koper boetevrij van de koop afzien. De koper hoeft geen reden te geven om van de koop af te zien. Wel wordt er aangeraden om de verkoper schriftelijk te verwittigen. Deze bedenktijd kan ruimer genomen worden in overleg met de verkoper.

Financieringsbehoud
Duur om een hypotheek te krijgen
Wanneer de koper geen grote zak met geld heeft, zal de koper een hypotheek moeten aanvragen bij de bank. Voordat een hypotheekaanvraag volledig rond is, zijn er vaak zes weken voorbij. Om deze reden is het handig om een ruimere tijd, vaak twee maanden te nemen voor het rond krijgen van de hypotheek. Lukt het niet om de hypotheek rond te krijgen, dan beschermt de ontbindende voorwaarde financieringsbehoud de koper. Wanneer de koper het eigen huis nog moet verkopen, wordt een langere duur aangehouden voor het aanvragen van een hypotheek. Ook wanneer de koper zijn huis met een restschuld (huis staat dan onder water) moet verkopen, is het handig om een langere termijn voor het financieringsbehoud te nemen.

Een afwijzing voor een hypotheek is standaard
Het is gebruikelijk om in het financieringsbehoud de afwijzing van 1 hypotheekaanvraag op te nemen. Lukt het niet om bij 1 hypotheekverstrekker een hypotheek te krijgen, dan is dat een ontbindende voorwaarde en kan de koper boetevrij van de koop afzien. Soms wordt er gevraagd om bij twee hypotheekverstrekkers een hypotheekaanvraag te doen. Het is de vraag of dat verstandig is. Het kost namelijk de koper extra geld om bij twee banken een hypotheekaanvraag te doen en de kans dat de tweede bank wel een hypotheek afgeeft is klein. Banken hanteren namelijk dezelfde strenge adviezen van het NIBUD om een hypotheek te verstrekken.

Bankgarantie opnemen in het koopcontract is verstandig
Het opnemen van een bankgarantie beschermt de verkoper. Een bankgarantie betekent dat de koper 10% van de te overeengekomen koopprijs moet storten op de rekening van de notaris. Mocht de koop niet door kunnen gaan, terwijl geen enkele ontbindende voorwaarde van kracht is, dan krijgt de verkoper de bankgarantie.

Bouwkundige keuring
De uitkomsten van de bouwkundige keuring opnemen als ontbindende voorwaarde beschermen de koper. De koper weet dan namelijk in welke staat hij het huis koopt en of er grote kosten aan zitten te komen door:

  • achterstallig onderhoud
  • constructieve gebreken

In de ontbindende voorwaarde kan worden bepaald dat er sprake kan zijn van ontbinding bij een maximaal bedrag voor herstelkosten. Ook kan bepaald worden dat de verkoper opdraait voor de herstelkosten.

Eerst eigen woning verkopen
Als koper van een nieuw huis moet vaak de eigen woning worden verkocht. In de huidige huizenmarkt verkopen kopers vaak hun eigen huis (onder voorbehoud), voordat zij een andere woning kopen. Er wordt aangeraden om het onherroepelijk verkopen van de eigen woning op te nemen als ontbindende voorwaarde in het koopcontract. Deze ontbindende voorwaarde beschermt de koper. Als termijn wordt aangeraden de termijn te nemen waarop de ontbindende voorwaarden van het koopcontract van de door de koper te verkopen woning aflopen.

Is er een woonvergunning nodig?
Soms moet een koper toestemming van de gemeente krijgen om in de desbetreffende gemeente te mogen wonen. Bij duurdere huizen geldt deze regel vaak niet. Ook als de koper verhuist binnen de gemeente geldt deze maatregel niet. Als er een woonvergunning van de gemeente nodig is, dan wordt aangeraden om dit als ontbindende voorwaarde in het koopcontract op te nemen.

Lees ook:

Sparen, of extra aflossen op de hypotheek

Sparen, of extra aflossen op de hypotheek heeft vooral op het einde van het jaar extra aandacht. Mensen willen dan namelijk hun belastbaar vermogen zoveel mogelijk beperken. Het extra aflossen op de hypotheek kan daarom nuttig zijn om enerzijds de vermogensrendementsheffing te ontlopen en anderzijds om de hypotheeklasten blijvend te verlagen. De vermogensrendementsheffing is in 2015 en 2016 1,2%, maar zal vanaf 2017 variëren met het opgebouwde vermogen. Verder maakt de wet Hillen aflossen op de hypotheek aantrekkelijker dan sparen. Het wordt aangeraden om een financiële buffer aan te houden van 25.000 euro alvorens af te lossen op de hypotheek.

Einde van het jaar extra aflossen

Op het einde van het jaar heeft extra aflossen op de hypotheek extra aandacht van huizenbezitters (of eigenlijk beter hypotheekbezitters). Aflossen beperkt namelijk de spaartegoeden en daardoor de vermogensrendementsheffing, terwijl de hypotheeklasten afnemen. De belastingdienst kijkt bij de spaartegoeden en rekeningtegoeden naar het tegoed dat iemand op het einde van het jaar (1-1) op zijn rekeningen (lopende rekening, spaarrekening en beleggingsrekening) heeft staan. De belastingdienst rekent de spaarloontegoeden en bankspaartegoeden daarbij overigens niet mee als belastbare spaartegoeden.

Over de belastbare rekeningtegoeden wordt vermogensrendementsheffing betaald. Is het nu verstandig om af te lossen op de hypotheek met spaartegoeden en daardoor minder te sparen?

Over spaartegoed moet vermogensrendementsheffing worden betaald

Over de tegoeden groter dan ongeveer 21.000 euro (vanaf 2017, 25.000 euro) moet de begunstigde vermogensrendementsheffing betalen.

In 2015 en 2016 is deze vermogensrendementsheffing 1,2 % van het rekeningtegoed groter dan ongeveer 21.000 euro. De belastingdienst gaat bij de vermogensrendementsheffing uit van een fictieve spaarrente van 4% over het spaarbedrag en rekent een vlak belastingtarief van 30% over dit fictieve rendement; samen 4% x 30%= 1,2% vermogensrendementsheffing.

Spaartegoed groter dan de vrijstelling, dan zeker aflossen

Wanneer het spaartegoed groter is dan de vrijstelling kan het aantrekkelijk zijn het spaarrekeningtegoed boven de vrijstelling extra op de hypotheek af te lossen. De netto hypotheekrente is namelijk vaak groter dan de rente op een spaarrekening. Het kan zelfs financieel aantrekkelijker zijn om sowieso af te lossen op de hypotheek. Ook wanneer het spaartegoed niet de vrijstelling overschrijdt. Later volgt een rekenvoorbeeld waarbij er een situatie wordt berekend van extra aflossen op de hypotheek met en zonder vermogensrendementsheffing.

Hoeveel spaargeld als buffer aanhouden?

Voordat iemand extra gaat aflossen op de hypotheek is het raadzaam om eerst een grote financiële buffer aan te leggen er wordt aangeraden om voor alleenstaanden een financiële buffer aan te leggen van 25.000 euro.

Vermogensrendementsheffing 2015, 2016 en 2017 en sparen nu en later

In 2015 en 2016 geldt de vermogensrendementsheffing vanaf een spaarbedrag van ongeveer 21.000 euro per spaarder. Bij een gezin geldt dus een vrijstelling van ongeveer 42.000 euro.

Over het spaartegoed groter dan 21.000 per spaarder wordt een vermogensrendementsheffing van 1,2% gebruikt. Er zijn reële kabinetsplannen om in 2017 de vermogensrendementsheffing aan te passen, omdat de huidige fictieve rente die wordt gebruikt niet realistisch is en omdat alle spaarders even zwaar worden belast.

Mensen met een klein spaartegoed worden in 2015 en 2016 even zwaar belast als mensen met grote spaartegoeden. Vanaf 2017 geldt voor mensen met een klein spaartegoed een kleinere vermogensrendementsheffing dan voor mensen met grotere spaartegoeden. Vanaf 2017 worden de volgende rentetarieven en vermogensrendementsheffingen gebruikt per spaarder:

  • Vrijstelling tot 25.000 euro spaartegoed per spaarder
  • Vanaf 25.000 euro tot 100.000 euro spaartegoed een rentetarief van 2,9% en vermogensrendementsheffing van ongeveer 0,8% per spaarder
  • Vanaf 100.000 euro tot 1 miljoen spaartegoed een rentetarief van 4,7% en vermogensrendementsheffing van ongeveer 1,4% per spaarder
  • Vanaf 1 miljoen euro spaartegoed een rentetarief van 5,5% en vermogensrendementsheffing van ongeveer 1,65% per spaarder

Hypotheekrenteaftrek (HRA) en extra aflossen

Voor mensen die een hypotheek hebben, geldt dat zij over de betaalde hypotheekrente, hypotheekrenteaftrek krijgen. Dit betekent dat over de betaalde hypotheekrente zij een bepaald percentage van de betaalde hypotheekrente terugkrijgen van de belastingdienst. Het bedrag dat mensen terug krijgen van de belastingdienst is vaak ongeveer 42% van de betaalde hypotheekrente; maar zal in de toekomst stapsgewijs worden verlaagd naar 38%. Daardoor wordt extra aflossen op de hypotheek nog aantrekkelijker.

Rekenvoorbeeld hypotheek aflossen met vermogensrendementsheffing

Hieronder wordt een rekenvoorbeeld gegeven waarin wordt berekend wat het oplevert om af te lossen op de hypotheek. In het voorbeeld gelden de volgende gegevens:

  • Hypotheek is 200.000 euro
  • Hypotheekrente is 3,25%
  • Hypotheekrenteaftrek is 42%
  • Spaartegoed is 31.000 euro waarvan 10.000 euro wordt gebruikt om af te lossen
  • Rente op spaarrekening is 1%

Het rekenvoorbeeld wordt uitgelegd in onderstaande tabel 1 hypotheek aflossen met vermogensrendementsheffing. In de tweede kolom van de tabel staat de situatie zonder extra aflossen. In de derde kolom van de tabel staat de situatie met extra aflossen.

Tabel 1 hypotheek aflossen met vermogensrendementsheffing

Niet aflossen 10.000 aflossen
Hypotheekschuld 200.000 190.000
Hypotheekrente (3,25%) 6.500 6.175
Hypotheekrenteaftrek (42% van hypotheekrente) 2.730 2.593,50
Totale netto kosten hypotheek 3.770 3581,50
Spaarsaldo 31.000 21.000
Spaarrente (1%) 310 210
Belastbaar vermogen 10.000 0
Rendementsheffing (1,2%) 120 0
Totale netto opbrengst spaargeld 190 210
Netto kosten 3580 3371,50

In het bovenstaande voorbeeld is het voordeel van 10.000 euro extra aflossen op de hypotheek (3580 euro – 3371,50 euro) 208,50 euro. Dit voordeel geldt overigens niet alleen voor het jaar waarin extra wordt afgelost, maar voor ieder jaar daarop. Eenmalig aflossen levert dus jaarlijks een voordeel op van ruim 200 euro.

Geen rekening gehouden met inflatie

Daarnaast is in bovenstaand voorbeeld geen rekening gehouden met inflatie. Door de inflatie wordt het spaartegoed jaarlijks minder waard. Een inflatie van ongeveer 1% is de laatste jaren normaal. Dit leidt ertoe dat jaarlijks de spaarrente bij een spaarbedrag kleiner dan de vrijstelling groter moet zijn dan 1% om het spaartegoed meer waard te laten worden Boven de vrijstelling moet de spaarrente zelfs groter zijn dan 2,2% (vermogensrendementsheffing en inflatie) om netto het spaartegoed te laten toenemen.

Rekenvoorbeeld hypotheek aflossen zonder vermogensrendementsheffing

Hieronder wordt een rekenvoorbeeld gegeven waarin wordt berekend wat het oplevert om af te lossen op de hypotheek. In het voorbeeld gelden de volgende gegevens:

  • Hypotheek is 200.000 euro
  • Hypotheekrente is 3,25%
  • Hypotheekrenteaftrek is 42%
  • Spaartegoed is 21.000 euro waarvan 10.000 euro wordt gebruikt om af te lossen
  • Rente op spaarrekening is 1%

Het rekenvoorbeeld wordt uitgelegd in onderstaande tabel 2 hypotheek aflossen zonder vermogensrendementsheffing. In de tweede kolom van de tabel staat de situatie zonder extra aflossen. In de derde kolom van de tabel staat de situatie met extra aflossen.

Tabel 2 hypotheek aflossen zonder vermogensrendementsheffing

Niet aflossen 10.000 aflossen
Hypotheekschuld 200.000 190.000
Hypotheekrente (3,25%) 6.500 6.175
Hypotheekrenteaftrek (42% van hypotheekrente) 2.730 2.593,50
Totale netto kosten hypotheek 3.770 3581,50
Spaarsaldo 21.000 11.000
Spaarrente (1%) 210 110
Belastbaar vermogen 0 0
Rendementsheffing (1,2%) 0 0
Totale netto opbrengst spaargeld 210 110
Netto kosten 3560 3471,50

In het bovenstaande voorbeeld is het financiële voordeel van aflossen (3560 euro -3471,50 euro=)89,50 euro per jaar. Eerder werd echter geschreven dat het handig is om een financiële buffer van aan te houden van 25.000 euro. In dit voorbeeld wordt alleen duidelijk gemaakt dat het zelfs geld oplevert om af te lossen op de hypotheek wanneer er geen sprake is van vermogensrendementsheffing.

Wet Hillen en aflossen, of sparen

Om het aflossen van de hypotheek te stimuleren, is de wet Hillen van kracht. Volgens de wet Hillen is bepaald dat het verschil tussen het eigenwoningforfait en het resterende hypotheekrentebedrag in geval van een positief bedrag als aftrekpost mag worden gerekend. Wanneer het resterende hypotheekrentebedrag kleiner is dan het eigenwoningforfait, dan wordt het verschil tussen deze twee bedragen een aftrekpost. Hiermee wordt dus gestimuleerd dat mensen de hypotheek aflossen. Zie de site van de belastingdienst voor de meest actuele percentages van het eigenwoningforfait. Op de site van de belastingdienst wordt ook uitgelegd hoe het eigenwoningforfait te berekenen is .

Vermindering van de rente-opslag en extra aflossen
Bij hypotheken exclusief NHG-garantie is er sprake van een rente-opslag. Rente-opslag is rentepercentage bovenop normale hypotheekrente. Bij de rente-opslag wordt uitgegaan van schuld-marktwaardeverhouding tussen de benodigde hypotheek (schuld) en de woningwaarde (marktwaarde) van de woning waarover de hypotheek verschuldigd is.
De marktwaarde wordt door de hypotheekverstrekker op drie verschillende bepaald:

  1. de verkoopprijs (kk, of van) van de woning
  2. een taxatie
  3. woz-waarde

Stel de verkoopprijs van een huis is 300.000 en de hypotheek is 270.000, dan is de schuld-marktwaardeverhouding 270.000/300.000=0,9
Wanneer de schuld-marktwaardeverhouding onder een bepaalde ratio komt te liggen, dan is er recht op vermindering van de rente-opslag en dus een lagere hypotheekrente. Dit kan jaarlijks een besparing van enkele honderden euro’s schelen! Per bank liggen de afkapwaarden voor de schuld-marktwaardeverhouding anders. Informeer dit bij de bank waar de hypotheek loopt.
Door extra af te lossen, een stijging van de woningwaarde door een verbouwing en/of een hogere WOZ-waarde heb je recht op een vermindering van de rente-opslag. Dit wordt hieronder toegelicht.

Door (extra) aflossen vermindering rente-opslag
Door extra af te lossen, neemt automatisch de schuld-marktwaardeverhouding af. Door bijvoorbeeld in een aantal jaren 30.000 euro extra af te lossen op de eerder genoemde hypotheek van 270.000, neemt deze af naar 240.000. De schuld-marktwaardeverhouding wordt dan 0,8. Hierdoor is er wellicht recht op vermindering van de rente-opslag.

Door verbouwing vermindering rente-opslag
Door de woning te verbouwen, kan de woningwaarde toenemen. Wanneer vermoed wordt dat de woningwaarde is toegenomen, moet het huis getaxeerd worden. Vervolgens moet een verzoek bij de hypotheekverstrekker ingediend worden voor vermindering van de rente-opslag.

Hogere WOZ-waarde en vermindering rente-opslag
Door een hogere WOZ-waarde kan de schuld-marktwaardeverhouding gunstiger liggen. Ook hier is het belangrijk om het verzoek van vermindering van de rente-opslag samen in te dienen met een kopie van de nieuwe WOZ-waarde.

Rente-opslag en ‘geen-piepbeleid’
Het is om belangrijk om als consument zelf actief te handelen als er sprake is van recht op vermindering van de rente-opslag. De banken hanteren namelijk een ‘geen-piepbeleid’ ; als de consument geen verzoek voor vermindering van de rente-opslag indient, zal de bank de hypotheekrente niet aanpassen.

Voor aflossen minder discipline nodig, dan voor sparen

In bovenstaande tekst is duidelijk geworden dat aflossen financieel gunstiger is dan sparen wanneer de financiële buffer groot genoeg is. Daarnaast heeft aflossen op de hypotheek nog een groot psychologisch voordeel boven sparen. Aflossen op de hypotheek heft namelijk tot gevolg dat je het afgeloste bedrag niet meer kunt terughalen. Het geld zit in de stenen van je huis. Spaargeld, mits niet vastgezet in een spaardeposito kun je ten alle tijden weer terughalen en besteden en wees nou eerlijk; wie kan nu echt sparen?

Lees ook:

Voordelen en nadelen versneld aflossen annuïteitenhypotheek

Waar in eerdere dagen de misleidende aflossingsvrije hypotheek (want uiteindelijk moet toch de hypotheek worden afgelost), de spaarhypotheek en beleggingshypotheek populair waren. Hebben de meeste mensen met name ook door de dwingende sturing van de overheid een lineaire, of annuïteitenhypotheek. Bij een lineaire en annuïteitenhypotheek wordt er gedurende de looptijd van de hypotheek al afgelost. Hoewel bij een lineaire en annuïteitenhypotheek gedurende de looptijd van 360 maanden (30 jaar) de hypotheek volledig wordt afgelost, is het financieel zeer verstandig om versneld af te lossen. Bij versneld aflossen van een annuïteitenhypotheek, dalen de hypothecaire maandlasten namelijk sterker, de kans dat het huis onder water staat neemt af en de overwaarde neemt toe. De nadelen van versneld aflossen als een lagere hypotheekrenteaftrek, minder spaargeld, een boete betalen voor extra aflossen en inflatie lijken nadelen, maar bij een doorberekening zijn dat helemaal geen nadelen.

De rentekosten van een annuïteitenhypotheek

Bij een annuïteitenhypotheek wordt het volledige hypotheekbedrag gedurende de looptijd afgelost. Bij een annuïteitenhypotheek wordt in het begin veel betaald aan rentekosten en weinig aan aflossing. Naarmate de looptijd van de annuïteitenhypotheek toeneemt, wordt er relatief steeds meer aflossing betaald en steeds minder rente. In het begin van de looptijd zal daarom de hypotheekrenteaftrek hoog zijn en deze neemt gedurende de looptijd steeds verder af.

Stel er wordt een annuïteitenhypotheek afgesloten voor 200.000 euro met een hypotheekrente van 3,5% en een looptijd van 360 maanden (30 jaar). Er wordt niet voor niets een periode van 30 jaar gekozen. Dat is namelijk de maximale tijd dat er recht is op hypotheekrenteaftrek. In het volgende rekenvoorbeeld wordt de hypotheekrenteaftrek op 42% gesteld.

Over de volledige looptijd van 30 jaar wordt in totaal over de gehele looptijd 123.311,97 euro bruto aan rente betaald. Netto zal het totale rentebedrag op ongeveer 71520,94 euro liggen. Het gemiddelde aflossingsbedrag per maand bij een looptijd van 30 jaar is 555 euro.

Wanneer de hypotheek in 25 jaar wordt afgelost wordt in totaal over de gehele looptijd 100.373,59 euro bruto aan rente betaald. Netto zal het rentebedrag op ongeveer 58216,68 euro liggen. Het gemiddelde aflossingsbedrag per maand bij een looptijd van 25 jaar is 666 euro. Dus met maandelijks 111 euro meer aflossen wordt in totaal 13304,06 euro bespaard!

Het maandelijkse hypotheekbedrag neemt direct af door extra aflossen

Door zuinig te leven, is er een bedrag gespaard van 10.000 euro en er wordt gekozen om dit bedrag af te lossen op de hypotheek. Op jaarbasis wordt direct 350 euro bruto minder aan rente betaald. Netto wordt direct 203 euro minder aan rente betaald. Deze daling van het jaarlijkse hypotheekrentebedrag is niet alleen voor het jaar waarin wordt afgelost, maar voor de gehele looptijd. Als in het begin van de looptijd 10.000 wordt afgelost levert dat over de gehele looptijd van de hypotheek netto (30 X 203=)6090 euro op!

De overwaarde van het huis neemt toe door extra af te lossen

Als mensen een ander huis willen kopen, zullen zij hun huidige huis moeten verkopen. Om in aanmerking te komen voor een nieuwe hypotheek is het handig wanneer het te verkopen huis onder water staat (de hypotheek op het te verkopen huis is groter, dan de waarde van het huis).

Door extra en versneld af te lossen, neemt de kans toe dat de overwaarde van het te verkopen huis toeneemt en het huis dus niet onder water staat.

Nu wordt gezegd dat deze overwaarde nadelig is, omdat deze overwaarde volledig gebruikt moet worden bij de aankoop van een ander huis en het bedrag dat bovenop de overwaarde nog nodig is om een huis te kopen, gefinancierd mag worden uit een hypotheek. Met andere woorden door de overwaarde kan minder hypotheek geleend worden voor een ander huis. Dit is echter geen nadeel, want met een kleine hypotheek op een nieuw huis zijn de maandlasten ook laag. Daardoor wordt maandelijks meer geld over voor verbouwingen en klussen en hoeft dat niet uit een hypotheek gefinancierd worden! Verbouwingen (nieuwe keuken en badkamer) en klussen uit een hypotheek financieren, is onverstandig omdat daarmee de uiteindelijke kosten sterk toenemen en uiteindelijk anderhalf keer zo veel geld ervoor wordt betaald.

Het is echter wel handig om altijd een financiële buffer aan te leggen en dus niet al het spaargeld te gebruiken om af te lossen.

Door versneld en extra aflossen is de hypotheekrenteaftrek lager

Over de hypotheek moet hypotheekrente worden betaald; 3,5% in het bovenstaande voorbeeld. Om het hebben van een eigen huis te stimuleren, krijgen eigen huisbezitters (of eigenlijk hypotheekbezitters) over een looptijd van 30 jaar geld terug van de belasting over deze hypotheekrente. De grootte van de hypotheekrenteaftrek is afhankelijk van het brutojaarsalaris, maar ligt vaak rond de 42%. Tweeënveertig procent van de betaalde rente krijgen mensen terug van de belastingdienst.

In bovenstaand rekenvoorbeeld van een hypotheek van 200.000 euro en 3,5% rente zijn de netto hypotheekrentekosten over de gehele looptijd van 30 jaar en 25 respectievelijk 71520,94 euro en 58216,68 euro; een verschil van ruim 13000 euro! Het lijkt dus gunstig om veel hypotheekrenteschuld te hebben, omdat men dan veel terugkrijgt van de fiscus. Netto zijn wijzen de cijfers echter een hele andere kant uit.

Door versneld extra aflossen heb je niet de beschikking over geld

Het klopt inderdaad dat wanneer er geen financiële buffer is het niet verstandig is om extra af te lossen. Het wordt aangeraden om pas extra af te lossen wanneer er zes tot twaalf maandsalarissen als financiële buffer zijn opgebouwd. Wanneer de financiële buffer echter voor een eenpersoonshuishouden groter is dan 25.000 euro (in 2016) en voor een tweepersoonshuishouden groter is dan 50.000 (in 2016), dan moet over het vermogen boven de respectievelijk vermogensrendementsheffing betaald worden. Het is dus financieel aantrekkelijk om boven het extra vermogen boven de 25.000, dan wel 50.000 extra af te lossen.

Bij versneld aflossen moet een boete betaald worden

Wanneer jaarlijks teveel wordt afgelost moet men boete betalen. Het jaarlijkse boetevrij af te lossen bedrag is echter vaak 10%, of zelfs 20% van de totale hypotheeksom; in bovenstaand voorbeeld 10.000, of 20.000 euro. De meeste mensen lukt het niet om dit bedrag jaarlijks af te lossen. Het is echter verstandig om bij de hypotheekverstrekker na te vragen hoeveel boetevrij mag worden afgelost. Vaak wordt het boetevrije bedrag verhoogd, omdat de banken graag ook zekerheid willen en geld ontvangen van de hypotheeklener.

Het kan zelfs zo zijn dat wanneer er een substantieel deel van de hypotheek is afgelost (vaak 30% van de totale hypotheek) de hypotheekrente wordt verlaagd!

Door inflatie wordt de hypotheek vanzelf kleiner

Inflatie is het minder waard worden van geld. Voor een euro kan over 30 jaar minder gekocht worden door inflatie. Het inkomen wordt gecorrigeerd voor deze inflatie en zal dus gedurende de 30 jaar stijgen; is het idee. Het idee is dus ook dat een hypotheek die nu wordt afgesloten procentueel gedurende looptijd een kleiner deel in beslag neemt van het totale inkomen. Echter is een hypotheek van 200.000 euro over 30 jaar ook nog steeds een groot bedrag.

Daarnaast is het niet zeker of er inflatie zal optreden en hoe groot deze inflatie is. De laatste jaren is de inflatie klein. Verder kan er ook het tegenoverstelde van inflatie optreden; deflatie.

Wanneer er wordt afgelost, is het meteen zeker en duidelijk wat dat met de huidige en toekomstige maandlasten doet; deze dalen.

Wet Hillen en aflossen

Om het aflossen van de hypotheek te stimuleren, is de wet Hillen van kracht. Volgens de wet Hillen is bepaald dat het verschil tussen het eigenwoningforfait en de resterende hypotheekrente bedrag. Wanneer het resterende hypotheekrentebedrag kleiner is dan het eigenwoningforfait, dan wordt het verschil tussen deze twee bedragen een aftrekpost. Hiermee wordt dus gestimuleerd dat mensen de hypotheek aflossen.

Vermindering van de rente-opslag en extra aflossen
Bij hypotheken exclusief NHG-garantie is er sprake van een rente-opslag. Rente-opslag is rentepercentage bovenop normale hypotheekrente. Bij de rente-opslag wordt uitgegaan van schuld-marktwaardeverhouding tussen de benodigde hypotheek (schuld) en de woningwaarde (marktwaarde) van de woning waarover de hypotheek verschuldigd is.
De marktwaarde wordt door de hypotheekverstrekker op drie verschillende bepaald:

  1. de verkoopprijs (kk, of van) van de woning
  2. een taxatie
  3. woz-waarde

Stel de verkoopprijs van een huis is 300.000 en de hypotheek is 270.000, dan is de schuld-marktwaardeverhouding 270.000/300.000=0,9
Wanneer de schuld-marktwaardeverhouding onder een bepaalde ratio komt te liggen, dan is er recht op vermindering van de rente-opslag en dus een lagere hypotheekrente. Dit kan jaarlijks een besparing van enkele honderden euro’s schelen! Per bank liggen de afkapwaarden voor de schuld-marktwaardeverhouding anders. Informeer dit bij de bank waar de hypotheek loopt.
Door extra af te lossen, een stijging van de woningwaarde door een verbouwing en/of een hogere WOZ-waarde heb je recht op een vermindering van de rente-opslag. Dit wordt hieronder toegelicht.

Door (extra) aflossen vermindering rente-opslag
Door extra af te lossen, neemt automatisch de schuld-marktwaardeverhouding af. Door bijvoorbeeld in een aantal jaren 30.000 euro extra af te lossen op de eerder genoemde hypotheek van 270.000, neemt deze af naar 240.000. De schuld-marktwaardeverhouding wordt dan 0,8. Hierdoor is er wellicht recht op vermindering van de rente-opslag.

Door verbouwing vermindering rente-opslag
Door de woning te verbouwen, kan de woningwaarde toenemen. Wanneer vermoed wordt dat de woningwaarde is toegenomen, moet het huis getaxeerd worden. Vervolgens moet een verzoek bij de hypotheekverstrekker ingediend worden voor vermindering van de rente-opslag.

Hogere WOZ-waarde en vermindering rente-opslag
Door een hogere WOZ-waarde kan de schuld-marktwaardeverhouding gunstiger liggen. Ook hier is het belangrijk om het verzoek van vermindering van de rente-opslag samen in te dienen met een kopie van de nieuwe WOZ-waarde.

Rente-opslag en ‘geen-piepbeleid’
Het is om belangrijk om als consument zelf actief te handelen als er sprake is van recht op vermindering van de rente-opslag. De banken hanteren namelijk een ‘geen-piepbeleid’ ; als de consument geen verzoek voor vermindering van de rente-opslag indient, zal de bank de hypotheekrente niet aanpassen.

Lees ook:

Hogere hypotheek voor tweeverdieners in 2016

Per 1 januari 2016 is het voor tweeverdieners mogelijk om meer geld te lenen voor de aankoop van een eigen huis. De kloof voor een maximaal hypotheekbedrag voor hypotheken gebaseerd op een, of twee inkomens wordt hierdoor kleiner. Over het algemeen blijven de hypotheeknormen in 2016 echter hetzelfde als in 2015. Tweeverdieners kunnen in 2016 een hogere hypotheek afsluiten dan het jaar ervoor. Het hypotheekbedrag gebaseerd op 1 inkomen lager dan 40.000 euro bruto per jaar, zou echter omlaag moeten volgens het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (NIBUD) aan. Bij een luxe levensstijl is het onverstandig om het maximale hypotheekbedrag te willen lenen.

NIBUD berekent het maximale hypotheekbedrag per inkomensgroep

Het NIBUD calculeert jaarlijks het maximale hypotheekbedrag dat verschillende soorten huishoudens met hun brutojaarinkomen kunnen dragen zonder dat zij daarmee in financiële malheur komen. In 2016 zijn er geen grote veranderingen in het advies dat het NIBUD geeft omtrent het maximaal te lenen hypotheekbedrag. Dat komt omdat huishoudens bij benadering dezelfde financiële ruimte voor de hypotheeklast hebben als in 2015.

NIBUD gaat uit van een gemiddelde loonstijging van 1,4% in 2016

Met een gemiddelde loonstijging van 1,4% in 2016 kunnen gemiddeld genomen huishoudens hetzelfde maximale hypotheekbedrag, of net iets meer lenen, als in 2015. Eenverdieners met een inkomen onder de 40.000 euro bruto per jaar kunnen echter minder hypotheek krijgen. Dit komt omdat eenverdieners met een inkomen onder de 40.000 bruto per jaar in 2016 minder toeslagen krijgen dan in 2015. Met name mensen met een inkomen tussen de dertig- en vijftigduizend euro bruto per jaar krijgen fors minder zorgtoeslag, Hierdoor houden lagere inkomens minder geld over om de hypotheeklasten te kunnen betalen.

Tweeverdieners kunnen meer hypotheek krijgen in 2016

Het NIBUD adviseert om vanaf 2016 bij tweeverdieners het laagste inkomen voor de helft mee te nemen in het bepalen van het financieringslastpercentage (het deel van het inkomen dat gereserveerd wordt voor het betalen van de hypotheek). In 2015 telt het laagste inkomen maar voor eenderde mee in het bepalen van het financieringslastpercentage. Dit heeft tot gevolg dat in 2016 een groter deel van het brutoloon aan hypotheeklasten besteed mag worden.

Het NIBUD raadt deze verruiming van het financieringslastpercentage aan voor tweeverdieners, omdat tweeverdieners netto meer geld te besteden hebben dan eenverdieners. Bij eenverdieners gaat er relatief gezien een groter deel van het inkomen op aan het betalen van de hypotheek. Ook verwacht het NIBUD dat dit verschil alleen maar zal toenemen in de toekomst. Dit komt omdat de aanrechtsubsidie voor de niet-verdienende partner alleen maar zal worden versoberd. De aanrechtsubsidie is de algemene heffingskorting voor de partner die weinig tot geen inkomen heeft. De algemene heffingskorting zorgt ervoor dat er een minder groot deel van het inkomen belast wordt. Wanneer de algemene heffingskorting afneemt, telt een groter deel van het inkomen mee met het belastbaar inkomen. Hierdoor moeten eenverdieners meer belasting betalen en blijft er minder geld over voor het betalen van de hypotheek.

Denk goed na hoeveel over het maximale hypotheekbedrag

Het NIBUD geeft advies over het maximaal te lenen hypotheekbedrag. Banken nemen dit advies vaak regelrecht over in het vaststellen van de te verstrekken hypotheek. Er wordt vervolgens weinig vanaf geweken bij het verstrekken van hypotheken aan consumenten. Soms wil echter de bank meer hypotheek verstrekken als de hypotheekaanvrager goede argumenten heeft en kan aantonen dat hij, of zij een groter hypotheekbedrag kan dragen.

Verder is het ook niet verstandig om altijd het maximale hypotheekbedrag te willen lenen. Bij het dragen van het maximale hypotheekbedrag gaat het NIBUD uit van gemiddelde maanduitgaven. Als een huishouden echter een luxe levensstijl heeft, is het niet raadzaam om het maximale hypotheekbedrag te lenen, omdat hiermee huishoudens in de financiële problemen kunnen komen.

Lees ook:

Kosten besparen op het kopen van een huis en de hypotheek

De aankoop van een huis is een van de grootste aankopen die je tijdens je leven doet. Zowel op het afsluiten van een hypotheek, als het aankopen van een huis kun je forse kosten besparen. Zorg dat je jezelf bij het afsluiten van een hypotheek goed laat informeren. Zo kun je fors besparen op de hypotheekrente en afsluitprovisie. Zo hebben bijvoorbeeld Duitse een lagere hypotheekrente. Op de kosten van het aankopen van het huis kun je ook fors besparen. Breng een bod uit wat minimaal 10% lager ligt, dan de vraagprijs.

Besparen op de hypotheek

Geen hypotheek, maar eigen geld investeren

De beste hypotheek is natuurlijk geen hypotheek. Bij elke 1000 euro die je aan eigen geld inbrengt bespaar je jaarlijks bruto bij een hypotheekrente van 4%, 40 euro. Dat lijkt weinig, maar over een looptijd van 30 jaar, heb je dus 30×40= 1200 euro betaald! Dus voor elke 1000 euro die je moet lenen, betaal je zomaar 1200 euro aan rente. Zelfs na de hypotheekrente-aftrek kan dat zomaar nog 800 euro blijven. Laat jezelf dus niet wijs maken dat eigen geld investeren geld kost! Investeer echter alleen eigen geld wat je echt kunt missen.

Breng in kaart hoeveel je kunt lenen

Zorg dat je duidelijk in kaart brengt hoeveel je kunt lenen en of je recht hebt op de NHG. Wanneer duidelijk is hoeveel je kunt lenen, kun je veel gerichter zoeken naar huizen. Let echter op, de maximale hypotheek is de maximale hypotheek die je kunt lenen, je hoeft dat niet te lenen. Je kunt ook een minder grote hypotheek afsluiten. Bij het beoordelen van hoeveel je kunt lenen, moet je ook beoordelen hoe hoog de hypotheekrente is en of deze bij andere banken lager is. Kijk hierbij niet alleen naar Nederlandse banken, maar ook naar Duitse banken. Duitse hypotheekverstrekkers hanteren vaak een lagere hypotheekrente, dan Nederlandse banken. Duitse hypotheekverstrekkers eisen echter wel dat je eigen geld investeert. Zoals je eerder hebt gelezen, is eigen geld investeren alleen maar gunstig.

Los direct af op je hypotheek

Maak er een gewoonte van om direct af te lossen. Vooral veel aflossen in het eerste jaar zorgt ervoor dat je over de gehele looptijd minder rente hoeft te betalen. Vraag altijd bij de hypotheekverstrekker na wat je jaarlijks boetevrij kunt aflossen (vaak 10% van de totale hypotheek). Wanneer je hebt afgelost, hoef je minder hypotheekrente te betalen. Het geld dat je hiermee overhoudt, kun je weer aflossen. Zo ontstaat een vliegwiel, dat ervoor zorgt dat je steeds meer aflost. Bij het aflopen van de rentevaste periode kun je meer aflossen, dan het boetevrije bedrag.

Sluit een rentevaste periode van 1 jaar af

Het blijkt dat een rentevaste periode van 1 jaar het meest gunstig is en dus de laagste hypotheekrente geeft. Wanneer je jaarlijks een rentevaste periode van 1 jaar afsluit, is de hypotheekrente lager, dan wanneer de rentevaste periode langer is dan 1 jaar. Bijkomende voordelen zijn dat je jaarlijks bij het aflopen van de rentevaste periode kunt oriënteren op een gunstigere hypotheek en dat je boetevrij weer een groot bedrag mag aflossen. Hou echter rekening met renteschommelingen en zorg dat je deze kunt opvangen.

Onderhandel op hypotheekrente en afsluitprovisie

Zorg dat je bij het afsluiten van een hypotheek over alles onderhandelt. Onderhandel over de hypotheekrente en afsluitprovisie. Zorg ervoor dat je altijd met een offerte van een hypotheekverstrekker, naar een andere hypotheekverstrekker gaat.

Besparen op de kosten van het huis

Onderhandel over de aankoopprijs en de overdracht

Zoals je eerder hebt gelezen, moet je over alles onderhandelen. Zo ook over de aankoopprijs van het huis. Je eerste bod moet minimaal 10% lager liggen dan de vraagprijs. Zorg ook dat je onderhandelt over de overdrachtsperiode, hoe ruimtes opgeleverd moeten worden, of de terrasoverkapping overgenomen kan worden etc…

Bespaar op de makelaarskosten

Wanneer je een makelaar inschakelt, kun je besparen op de makelaarskosten. Laat de courtage van de makelaar afhangen van de besparing die de makelaar oplevert bij het aankopen van het huis. Een hogere korting op de aankoopprijs is een hogere vergoeding voor de makelaar.

Zelf klussen, of juist nieuwbouwhuis

Wanneer je zelf heel erg goed kunt klussen, genoeg tijd hebt en het leuk vindt om te klussen, kun je een huis kopen waar je zelf nog veel aan moet klussen. De aankoopprijs van huizen waar nog veel aan gedaan moet worden, is een stuk lager. Met het zelf klussen, bespaar je vervolgens veel geld uit. Ben je niet zo handig, koop dan een nieuwbouwhuis. Bij de aankoop van een nieuwbouwhuis ben je vaak de eerste jaren uit de kosten, omdat de materialen nieuw zijn. Ook ben je bij een nieuwbouwhuis niet de kosten koper (KK) kwijt.

Bespaar op notariskosten

Zoek in je regio welke notaris het goedkoopste is. De onderlinge verschillen in de kosten tussen notarissen kunnen aanzienlijk verschillen.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Tien stappen om miljonair te worden

18 bespaartips en een passief inkomen opbouwen

De voordelen en nadelen van de hypotheek aflossen: een rekenvoorbeeld

Waarom en hoe beleggen in vastgoed?

Bronnen:

M Kanis (2008) Beleggen voor dummies, Pearson, Amsterdam

G Hormann (2012) Hypotheekvrij! Just Publishers, Meppel

De voordelen en nadelen van de hypotheek aflossen: een rekenvoorbeeld

Het zo snel mogelijk aflossen van je hypotheekschuld heeft veel grote voordelen. Zo worden je maandlasten direct lager. Het totaalbedrag wat aan rente betaald moet worden, neemt direct af. Ook neemt de overwaarde van je woning toe waar een hypotheek op rust. Het zo snel mogelijk aflossen van je hypotheekschuld heeft ook enkele nadelen. De voordelen en nadelen van zo snel mogelijk de hypotheekschuld aflossen worden hieronder toegelicht met een voorbeeld; een hypotheekschuld van 200.000 euro, een hypotheekrente van 5% en een looptijd van 30 jaar. Eerst worden de kosten aan totale rente bij een volledige spaarhypotheek met een rekenvoorbeeld gegeven. Vervolgens worden de voordelen en nadelen van zo snel mogelijk aflossen gegeven.

Rekenvoorbeeld rentekosten bij een volledige spaarhypotheek

Bij een spaarhypotheek los je het totale hypotheekbedrag op het einde van de looptijd af. De hypotheekrente bij een spaarhypotheek is exact gelijk aan de rente over het spaarbedrag. Op deze manier heb je op het einde van de looptijd precies genoeg geld gespaard om de hypotheek af telossen. Stel je sluit een hypotheek af van 200.000 euro, met een hypotheekrente van 5% en een looptijd van 30 jaar. Over een periode van 30 jaar heb je recht op hypotheekrente-aftrek. Deze wordt in het rekenvoorbeeld op 42% gesteld. Jaarlijks betaal je met deze hypotheek het maximale bedrag aan hypotheekrente, omdat je niets aflost. Het totale brutobedrag wat je jaarlijks aan rente betaalt, is (5% van 200.000 euro=) 10.000 euro per jaar (833 euro hypotheekrente per maand). Over de totale looptijd betaal je maar liefst (30 x 10000 euro =) 300.000 euro bruto aan hypotheekrente.

Van de belastingdienst krijg je 42% terug. Het totale nettobedrag wat je jaarlijks aan rente betaalt, is (5% van 200.000 euro x 0,58=) 5800 euro per jaar (483 euro hypotheekrente per maand). Over de totale looptijd betaal je maar liefst (30 x 5800 euro =) 174.000 euro netto aan hypotheekrente.

Voordelen van aflossen op je hypotheek

Aflossen op je hypotheek heeft een aantal grote voordelen. Zo neemt het bedrag wat je maandelijks aan hypotheekrente moet betalen direct af. Ook neemt het totale bedrag wat je aan hypotheekrente moet betalen over de gehele looptijd af. Tenslotte neemt de overwaarde van de woning toe wanneer je aflost. Hieronder wordt dit verder toegelicht en waar nodig berekend.

Voordeel 1: het maandelijkse te betalen hypotheekbedrag neemt direct af.

Stel je hebt een bedrag van 20.000 euro gespaard en je kiest ervoor om dit gespaarde bedrag af te lossen op je hypotheek. Op jaarbasis betaal je direct 1.000 euro bruto minder aan hypotheekrente. Per maand betaal je direct ruim 83 euro bruto aan hypotheekrente.

Als je rekening houdt met de hypotheekrente-aftrek betaal je (bij een belastingtarief van ongeveer 42%) op jaarbasis ongeveer 580 euro. Per maand betaal je direct ruim 48 euro netto aan hypotheekrente minder.

Voordeel 2: het totaal te betalen bedrag aan hypotheekrente neemt af.

Een ander voordeel is dat het totale bedrag (dus over de totale looptijd) wat je moet betalen aan rente direct afneemt. Stel het lukt je om direct na het afsluiten van je hypotheek om al 20.000 euro af te lossen, dan betaal je over de volledige looptijd van 30 jaar maar liefst 30.000 euro bruto minder aan hypotheekrente . Netto betaal je maar liefst 17.400 euro netto minder aan hypotheekrente over de gehele looptijd.

Voordeel 3: de overwaarde van de woning neemt toe.

Het laatste voordeel is dat de overwaarde toeneemt, als je aflost op de hypotheek. De kans dat de hypothecaire lening groter is, dan de daadwerkelijke waarde van het huis, neemt daardoor af. Wanneer je overwaarde hebt, is het makkelijker om een groter huis te kunnen kopen, dan wanneer je hypothecaire lening groter is, dan de waarde van je huis. Ook is je restschuld een stuk kleiner.

Nadelen van aflossen op je hypotheek

Aflossen op je hypotheek heeft ook een nadelen, of ogenschijnlijke nadelen. Zo neemt de hypotheekrente-aftrek af als je aflost op je hypotheek. Ook heb je minder snel de beschikking over je geld als je aflost op je hypotheek in plaats van wanneer je datzelfde bedrag op een spaarrekening zet. Verder kun je boetevrij aflossen tot een bepaald bedrag. Tenslotte kan de inflatie een nadeel zijn. Elk van de (ogenschijnlijke) nadelen wordt toegelicht.

(Ogenschijnlijk) nadeel 1: je krijgt minder hypotheekrente-aftrek.

Wanneer je een hypotheek hebt, moet je daarover hypotheekrente betalen. Een deel van de betaalde hypotheekrente krijg je van de belastingdienst terug. Het bedrag wat je terugkrijgt van de belastingdienst wordt de hypotheekrente-aftrek genoemd. Het bedrag wat je aan hypotheekrente-aftrek terugkrijgt, is ongeveer even groot als het percentage wat je aan inkomstenbelasting betaalt. Vaak ligt dit percentage rond de 42%. Van de betaalde hypotheekrente, krijg je dus 42% terug van de belastingdienst. Dit percentage van 42% voor de hypotheekrente-aftrek wordt gebruikt voor de onderstaande rekenvoorbeelden.

Stel je hebt een hypotheek van 200.000 euro tegen 5% hypotheekrente. Jaarlijks moet je dan 10.000 euro aan bruto aan rente betalen en krijg je 4200 euro van de belastingdienst terug. Jaarlijks betaal je dus 5800 euro aan hypotheekrente.

Over een periode van 30 jaar (dit is de maximale duur dat je van de hypotheekrente-aftrek gebruik mag maken) betaal je bruto 300.000 euro aan rente. Van de belastingdienst krijg je 126.000 euro terug en betaal je dus netto 174.000 euro aan hypotheekrente.

Stel het lukt je om jaarlijks 10.000 euro af te lossen op je hypotheek. Jaarlijks neemt dan je hypotheek met 10.000 euro af en je bent na 20 jaar van je hypotheek af. Verder betaal je over de 20 jaren in totaal 105.000 euro bruto aan hypotheekrente. Je krijgt echter ook nog 42% van de belastingdienst terug. Netto betaal je dus 60.900 euro aan rente.

Wanneer je dus niet aflost betaal je 174.000 euro aan rente. Wanneer het je lukt om jaarlijks 10.000 euro af te lossen, betaal je in totaal 60.900 euro aan rente. Het lijkt dus een nadeel als je jaarlijks aflost, omdat je minder terugkrijgt van de belastingdienst. Het is echter een groot voordeel. Netto betaal je namelijk netto 113.100 euro minder aan rente.

Verder is het rentetarief op de gemiddelde spaarrekening niet hoger dan de hypotheekrente. Zelfs wanneer je rekening houdt met de hypotheekrente-aftrek. Het gespaarde bedrag op je spaarrekening zetten is dus ook minder aantrekkelijk dan aflossen op je hypotheek.

Nadeel 2: wanneer je aflost, heb je minder snel de beschikking over je geld.

Wanneer je aflost op je hypotheek kun je dit geld niet op een spaarrekening zetten. Op een spaarrekening kun je makkelijk weer je gespaarde geld op je lopende rekening zetten, dat lukt niet als je aflost. Geld wat je aflost, kun je niet makkelijk weer “terugkrijgen”. Dit is een nadeel, maar ook tegelijk een voordeel. Het is namelijk een voordeel dat je spaart voor een doel, namelijk je huis ECHT meer je eigen huis maken. Verder moet je jezelf eerlijk afvragen of je echt zou sparen als je niet spaart om af te lossen. Ook moet je alleen aflossen wanneer je al een buffer op je spaarrekening hebt opgebouwd. Een buffer van 6 maandsalarissen is genoeg. Los nooit op je hypothecaire lening af met geld wat je niet kunt missen!

Nadeel 3: wanneer je teveel aflost, moet je een boete betalen.

Wanneer je teveel aflost, moet je inderdaad een boete betalen. Het bedrag wat je echter jaarlijks boetevrij mag aflossen ligt echter vaak op 10% van de verschuldigde hoofdsom. Met een hypothecaire lening van 200.000 euro mag je dus jaarlijks 20.000 euro aflossen. De meeste mensen krijgen dit bedrag niet jaarlijks bij elkaar gespaard. Bij sommige hypotheekverstrekkers ligt het bedrag wat je jaarlijks boetevrij mag aflossen lager. Neem dus contact op met je hypotheekverstrekker hoeveel je jaarlijks boetevrij mag aflossen. Verder mag je bij het aflopen van de rentevaste periode zo veel boetevrij aflossen als je zelf wilt en kunt.

Nadeel 4: inflatie.

Inflatie betekent dat geld minder waard wordt. Voor dezelfde euro kun je over een aantal jaren minder kopen. Het salaris wat je krijgt, wordt vaak gecorrigeerd voor inflatie. Een hypothecaire lening die je nu afsluit, is door inflatie over een aantal jaren relatief minder groot. Het maandelijkse bedrag wat je betaalt aan hypotheekrente neemt door inflatie een steeds minder groot deel uit van je salaris. Je weet echter nooit hoe groot de inflatie is en of er inflatie zal zijn. Van het omgekeerde (deflatie) kan namelijk ook sprake zijn. Wanneer je aflost, weet je direct waar je aan toe bent; een daling van je maandelijkse hypothecaire maandlasten en een lager totaalbedrag wat je aan hypotheekrente moet betalen.

Tot slot

Aflossen op je hypotheek heeft een aantal voordelen en (ogenschijnlijke) nadelen. Overleg altijd met je financieel adviseur wat in jouw persoonlijke situatie het meest gunstig is. Wees echter wel kritisch op de adviezen en reken zelf ook uit wat in jouw situatie het meest gunstig is. In het boek “Hypotheekvrij” van Gerhard Hormann worden vele gunstige tips gegeven hoe je kunt aflossen op je hypotheek. Het is een aanrader om dit boek te lezen.

Lees ook:

Gerhard Hormann (2012) Hypotheekvrij! Je huis aflossen in 10 simpele stappen. Just Publishers

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Kosten besparen op het kopen van een huis en de hypotheek

Goede doelen opstellen en doelstellingen bepalen

De kracht van discipline en doorzettingsvermogen; discipline zorgt voor succes

18 bespaartips en een passief inkomen opbouwen

Bronnen

Gerhard Hormann (2012) Hypotheekvrij! Je huis aflossen in 10 simpele stappen. Just Publishers

Waarom en hoe bezwaar maken tegen de WOZ-waarde?

De WOZ-waarde staat voor Wet Waarde Onroerende Zaken. De WOZ-waarde is de geschatte waarde van je huis. De WOZ-waarde wordt geschat (getaxeerd) door de gemeente. De geschatte waarde van je huis wordt beïnvloed door de grootte (oppervlakte en inhoud) van je huis en de ligging. Wanneer je woning een te hoge WOZ-waarde heeft, betaal je dus te veel OZB en heffingen. Het kan je dus veel geld besparen, als je bezwaar maakt tegen een te hoge WOZ-waarde. Je kunt op eigen houtje bezwaar maken tegen een te hoge WOZ-waarde, of met behulp van een jurist.

Wat is de WOZ-waarde?
De WOZ-waarde staat voor Wet Waarde Onroerende Zaken. De WOZ-waarde is de geschatte waarde van je huis. De WOZ-waarde wordt jaarlijks geschat (getaxeerd) door de gemeente. De geschatte waarde van je huis wordt beïnvloed door de grootte (oppervlakte en inhoud) van je huis en de ligging. Of de waarde van je huis door de gemeente goed wordt geschat, wordt gecontroleerd door de waarderingskamer. De waarderingskamer is een zelfstandig bestuursorgaan. De taxatie van je huis heeft ongeveer een jaar achterstand, dat betekent dat waardestijgingen, of –dalingen na de taxatie niet worden meegenomen. De WOZ-waarde is belangrijk, want op basis (grondslag) van de WOZ-waarde wordt de onroerendezakenbelasting (OZB), erf- en schenkbelasting, eigenwoningforfait, rioolheffing, afvalstoffenheffing en watersysteemheffing berekend. Jaarlijks krijg je van de gemeente de WOZ-beschikking, wil je zelf een schatting maken van de WOZ-waarde klik dan hier om te berekenen wat de WOZ-waarde van je woning ongeveer is.

Waarom bezwaar maken tegen de WOZ-waarde?
Zoals hierboven beschreven is de WOZ-waarde de grondslag voor de OZB en heffingen. Wanneer je woning een te hoge WOZ-waarde heeft, betaal je dus te veel OZB en heffingen. De WOZ-waarde heeft ook invloed op de inkomstenbelasting (eigenwoningforfait). Is de WOZ-waarde te hoog, dan betaal je te veel inkomstenbelasting. Bezwaar maken tegen een te hoge WOZ-waarde, kan je veel geld besparen.

Hoe bezwaar maken tegen de WOZ-waarde?
Het kan je dus veel geld besparen, als je bezwaar maakt tegen een te hoge WOZ-waarde. Je kunt op eigen houtje bezwaar maken tegen een te hoge WOZ-waarde. Dat kan door gebruik te maken van voorbeeldbrieven die veelvuldig op het internet te vinden zijn. Ook kun je hulp inroepen van gespecialiseerde juristen. De jurist beoordeelt of het verstandig is om bezwaar te maken. Door slimme financiële constructies kost bezwaar maken met behulp van een jurist je vaak niets.

Lees ook:
Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Tien stappen om miljonair te worden

18 bespaartips en een passief inkomen opbouwen

Kosten bij het kopen van een huis

De voordelen en nadelen van de hypotheek aflossen: een rekenvoorbeeld

Bronnen:
www.eigenhuis.nl